Sociale contacten zijn belangrijk voor hoe we ons voelen, maar mogelijk ook voor hoe scherp ons brein blijft. Grote onderzoeken laten zien dat mensen met meer sociale verbindingen gemiddeld een tragere cognitieve achteruitgang hebben dan mensen die weinig contact hebben of zich vaak eenzaam voelen. 

 

Waarom zou sociaal contact goed zijn voor je brein?

Tijdens een gesprek doet je brein verrassend veel tegelijk. Je luistert, onthoudt wat iemand zegt, zoekt woorden, leest gezichtsuitdrukkingen en bedenkt een reactie. Dat vraagt aandacht, geheugen, taal en planning. Sociale contacten geven je hersenen dus regelmatig kleine mentale prikkels. Daarnaast kunnen ze indirect helpen doordat mensen zich meer gesteund voelen, minder eenzaam zijn en vaker deelnemen aan activiteiten buitenshuis. Onderzoek laat zien dat vooral regelmatig contact met familie en vrienden, deelname aan groepen en een groter sociaal netwerk samenhangen met een tragere achteruitgang van geheugen en andere denkfuncties.

 

Kwaliteit telt ook mee

Meer contact is niet automatisch beter. Het gaat vooral om betekenisvolle en regelmatige verbinding. In een recente meta-analyse hingen sociale isolatie en een kleiner sociaal netwerk samen met meer cognitieve problemen. Andersom hingen sociale deelname en sociale steun samen met betere cognitieve prestaties. Ook vrijwilligerswerk kwam naar voren als een gunstige sociale activiteit. Dat maakt sociale gezondheid breder dan alleen gezelligheid. Het gaat om contact hebben, ergens bij horen en het gevoel hebben dat je op anderen kunt terugvallen.

 

Eenzaamheid en alleen zijn zijn niet hetzelfde

Je kunt alleen wonen en toch veel sociale contacten hebben. En je kunt dagelijks mensen om je heen hebben en je tóch eenzaam voelen. Dat onderscheid is belangrijk. Onderzoek onder bijna 30.000 deelnemers liet zien dat samenleven met anderen samenhing met een tragere achteruitgang van geheugen en algemene denkfuncties. Tegelijkertijd hing ervaren eenzaamheid juist samen met een snellere achteruitgang. Het gaat dus niet alleen om hoeveel mensen je ziet, maar ook om hoe verbonden je je voelt.

 

Kleine contacten tellen mee

Je hoeft niet elke week een volle agenda te hebben. Ook kleine momenten kunnen helpen om sociale verbinding onderdeel van je dagelijks leven te maken. Denk aan:

  • even bellen met een vriend of familielid;
  • samen koffie drinken;
  • een vaste wandelafspraak;
  • contact met hondenbezitters als je je hond uitlaat;
  • aansluiten bij een sportclub, cursus of buurtactiviteit;
  • vrijwilligerswerk doen;
  • bewust een praatje maken met een buur, collega of winkelmedewerker;
  • regelmatig samen eten in plaats van altijd alleen.

 

Maak contact onderdeel van je routine

Juist regelmaat lijkt belangrijk. Eén groot sociaal weekend en daarna weken nauwelijks contact is waarschijnlijk minder waardevol dan vaker kleine momenten van verbinding. Sociale contacten verdwijnen soms ongemerkt naar de achtergrond door werk, drukte of vermoeidheid. Dan helpt het om ze net zo bewust in te plannen als bewegen of boodschappen doen. Plan bijvoorbeeld iedere week één vast belmoment, lunch samen met een collega of spreek af om samen te wandelen. Het hoeft niet ingewikkeld of lang te zijn.

 

 

 

Bron: https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/socialcontact